ZAND- EN GRINDWINNING | Kustportaal

ZAND- EN GRINDWINNING

In de periode 2015-2018 werd in de OSPAR-regio (Noordoost-Atlantische Oceaan en Noordzee) jaarlijks tussen de 40 en 82 miljoen m³ marien sediment ontgonnen (ICES 2019) en dit voornamelijk ten behoeve van de bouwindustrie en kustverdediging.

Op Europees niveau wordt de impact, veroorzaakt door de extractie van sedimenten op de mariene omgeving, opgenomen in de Kaderrichtlijn Mariene Strategie. Een aantal van de descriptoren ter beoordeling van de goede milieutoestand zijn relevant voor de extractie van mariene sedimenten: descriptor 6 over de integriteit van de zeebodem (Rice et al. 2010, ICES 2019b), descriptor 1 over het behoud van de biodiversiteit (Cochrane et al. 2010), descriptor 4 over de mariene voedselketens (Rogers et al. 2010), descriptor 7 over de hydrografische eigenschappen (Walker et al. 2016, ICES 2016, ICES 2017, Fettweis et al. 2020) en descriptor 11 over de toevoer van energie, waaronder onderwatergeluid (Tasker et al. 2010). In het BNZ worden de zand- en grindwinningactiviteiten opgevolgd door de Dienst Continentaal Plat binnen de FOD Economie, de BMM (KBIN) en het ILVO.

In het Belgisch deel van de Noordzee (BNZ) wordt de laatste decennia voornamelijk zand gewonnen met een jaarlijks volume dat de voorbije tien jaar ruwweg schommelde tussen 2 en 4 miljoen m³ (FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie 2020). Een significant deel hiervan wordt aangewend voor strandophoping in functie van kustverdediging. Grind wordt doorgaans niet ontgonnen in het BNZ omwille van de uiterst beperkte aanwezigheid, de te kleine korrelgrootte en de heterogeniteit van het materiaal in de vergunde gebieden (FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie 2020).

In het marien ruimtelijk plan (MRP 2020-2026, zoals vastgelegd in het KB van 22 mei 2019, zie ook Verhalle en Van de Velde 2020) worden de zones voor zand- en grindwinning wettelijk afgebakend. In totaal zijn er vijf controlezones waarvoor concessies kunnen bekomen worden. Daarnaast wordt ook een referentiegebied voor monitoring vastgelegd dat, voor wat betreft sediment- en habitatsamenstelling, gelijkaardig is met de zandwinningsgebieden en waar zand- en grindwinning uitgesloten is teneinde de impact op het milieu te kunnen monitoren. In het huidig MRP situeert deze gesloten zone zich op de Thorntonbank (zone THBREF) en dient deze zone tevens als referentiegebied voor windmolenactiviteiten.

Meer info over zand- en grindwinning in het BNZ is te vinden op de website van het Compendium voor Kust en Zee

Informatie
Mariene Ruimtelijke Planning
Zand- en grindextractie
Bodemkenmerken